Het overgrote deel van de bewoners op deze aardbol gelooft ‘ergens in’.

Stel dat je zoekt naar het doel van je leven, of wil je weten wat je bestemming is, waar begin je dan? Misschien sta je juist sterk in je geloof, maar wil je meer weten over religie in het algemeen?

Naar schatting zijn er over de hele wereld meer dan 4000 religies en spirituele stromingen, waarbij we atheïsme als levensbeschouwing ook meerekenen. Wij mensen zijn  in meer of mindere mate, al dan niet belijdend, religieus van aard.

Spiritualnet wil je hoe dan ook helpen in je zoektocht naar antwoord op  vragen waar je tegenaan gelopen bent. Dit platform geeft je een helder overzicht van de diverse religies die er wereldwijd zijn. 

We dagen je uit om op zoek te gaan!

Inleiding


Eenheid in wereldreligies

Het Bahá'í-geloof is een monotheïstische religie. Ze geloven in één God. Deze religie is in de negentiende eeuw gesticht is door Bahá u'lláh uit Perzië die de geestelijke eenheid van de mensheid benadrukt. Wereldwijd zijn er naar schatting ongeveer zeven miljoen Bahá’ís in meer dan tweehonderd landen en gebieden. In het Bahá'i-geloof benadrukt men de eenheid in de verschillende wereldreligies. Of dit daadwerkelijk zo is kan men onderzoeken door de verschillende religies en geschriften met elkaar te vergelijken. Onderstaande informatie over het Bahá'í-geloof kan daarbij helpen.

 

 

Eenheid in alle grote wereldgodsdiensten 


De Bahá'i leringen benadrukken de onderliggende eenheid van de grote wereldgodsdiensten. Religieuze geschiedenis wordt gezien als een ontvouwing van waarheid met behulp van een aantal goddelijke boodschappers, "manifestaties van God" genaamd, die elk een religie hebben gesticht afgestemd op de behoeften van hun tijd en het begripsvermogen van de mensen uit hun tijd. Onder deze boodschappers zijn Abraham, Krishna, Boeddha, Jezus en Mohammed de bekendste. Voor de Bahá'ís is de meest recente en belangrijkste boodschapper Bahá'u'lláh. Bahá'ís geloven dat elke boodschapper over de volgende sprak en dat Bahá'u'lláhs leer, met zijn leven als proef op de som, de eindtijd - beloften van de voorgaande religies vervult. Volgens de Bahá'ís is de mensheid betrokken bij een voortdurend, noodzakelijk en geleidelijk proces naar verstandhouding, vrede, gerechtigheid en eenheid op wereldschaal. 

 

 

Eenheid


Aan de basis van alle Bahá’í-leringen staat het idee van de eenheid van God, de eenheid van religie en de eenheid van de mensheid. Uit deze stellingen komt de overtuiging dat God periodiek zijn wil openbaart door middel van goddelijke opvoeders, waarvan het doel is het karakter van de mensheid te transformeren en, onder degenen die de boodschap accepteren, morele en spirituele kwaliteiten ontwikkelen. Religie wordt dus gezien als geordend, verenigd en progressief.

 

Pixabay

God

De Bahá'í-geschriften beschrijven een enkele, persoonlijke, ontoegankelijke, alwetende, alomtegenwoordige, onvergankelijke en almachtige God, die de schepper van alle dingen in het universum is. Het bestaan van God en het universum worden beschouwd als eeuwig, zonder begin of einde. Hoewel rechtstreeks ontoegankelijk, wordt God toch gezien als bewust van de schepping, met een wil en doel die worden uitgedrukt door middel van boodschappers die "Manifestaties van God"  worden genoemd.

 

 

Geen Drie-eenheid 

Bahá'í-leringen beschrijven dat God te groot is om door de mens ten volle begrepen te worden, of om door mensen zelf een compleet en accuraat beeld van te krijgen; menselijk begrip van God is door zijn openbaring via de Manifestaties van God. In de Bahá'í-geschriften wordt God vaak genoemd door middel van titels en eigenschappen (bijvoorbeeld de almachtige, of de liefderijke) en er is een aanzienlijke nadruk op monotheïsme; doctrines als de Drie-eenheid zijn in tegenspraak met Bahá'í-visie dat God één is en geen gelijke heeft.

 

 

Gebed en meditatie  

De Bahá'í-leer beschrijft dat de eigenschappen die aan God worden toegekend gebruikt worden om het goddelijke te vertalen in menselijke termen en tevens om mensen te helpen zich te concentreren op hun eigen eigenschappen bij het aanbidden van God, om zo hun potenties te ontwikkelen op hun spirituele pad. Volgens de Bahá'í-leringen is het doel van de mens God te leren kennen en lief te hebben door middel van gebed en meditatie. 

 

Bahá'í-kalender

De Bahá'i-kalender is een zonnekalender met regelmatige jaren van 365 dagen en 366 schrikkeldagen. De jaren zijn samengesteld in 19 maanden en van elk 19 dagen, plus een extra periode van "schrikkeldagen", 4 in normale jaren en 5 in schrikkeljaren. De jaren in de kalander beginnen op de lente-equinox, 21 Maart en de laatste maand is de vastenmaand. Elke periode staat ergens voor: Pracht, heerlijkheid, schoonheid, licht, barmhartigheid, woorden, volmaaktheid, namen, macht, wil, kennis, kracht, spraak, vragen, eer, soevereiniteit, heerschappij, schrikkeldagen, verhevenheid. De periode verhevenheid is de vastenperiode. 

Religie

Het Bahá'í-concept van progressieve religieuze openbaring resulteert in de aanvaarding van de geldigheid van de meeste wereldreligies, waarvan de stichters worden gezien als Manifestaties van God. Religieuze geschiedenis wordt geïnterpreteerd als een reeks dispensaties, waarbij elke Manifestatie een wat bredere en meer gevorderde openbaring brengt, die geschikt is voor de tijd en plaats waar deze verschijnt. Specifieke sociale leringen (bijvoorbeeld voedselbeperkingen) kunnen worden herroepen door een latere Manifestatie, zodat een meer passende lering voor de tijd en plaats kan worden vastgesteld. Omgekeerd kunnen bepaalde algemene principes (zoals naastenliefde) worden gezien als universeel en consistent. Volgens het Bahá'í-geloof zal dit proces van progressieve openbaring niet eindigen en wordt het als cyclisch gezien. Bahá'ís verwachten niet dat een nieuwe Manifestatie van God zal verschijnen binnen 1000 jaar vanaf Bahá'u'lláhs openbaring.

Combinatie van oudere religies

Bahá'í-leringen worden soms beschreven als syncretische combinaties van oudere religies. Volgens de Bahá'ís betreft het echter een onafhankelijke religie met zijn eigen geschriften, leer, wetten, en geschiedenis. De religieuze oorsprong in ski'-islam wordt gezien als analoog aan de joodse context waarin het christendom ontstond. Bahá'ís beschrijven hun geloof als een onafhankelijke wereldreligie, die alleen verschilt van de andere religies in de relatieve leeftijd en in de geschiktheid van Bahá'u'lláhs leer voor de huidige omstandigheden. Bahá’ís geloven dat Bahá'u'lláh de Messiaanse verwachtingen van de voorgaande religies vervult.

 

 

 

Het Ringsteen

- Symbool verwijst naar de verbinding tussen God en de mensheid -

 

Rationele ziel

De Bahá'i-geschriften leren dat de mens beschikt over een "rationele ziel" en dat dit hem in staat stelt God en de relatie tussen de mensheid en haar schepper te erkennen. Ieder mens heeft de plicht God te erkennen via zijn boodschappers en hun leringen te volgen. Door middel van erkenning en gehoorzaamheid, dienstbaarheid aan de mensheid en gebed, komt de ziel dichter bij God.

Sterven

Wanneer een mens sterft, gaat de ziel over naar de volgende wereld, waar haar geestelijke ontwikkeling in de fysieke wereld een basis wordt voor vooruitgang in de spirituele wereld. Hemel en hel worden gezien als geestelijke staten van nabijheid en verafzijn van God in deze wereld en de volgende en niet als fysieke plaatsen van beloning en straf na de dood.

Gelijkwaardigheid

De Bahá'í-geschriften leggen de nadruk op de wezenlijke gelijkwaardigheid van de mens en de afschaffing van vooroordelen. De mensheid wordt gezien als in wezen één, hoewel zeer gevarieerd. Haar verscheidenheid van ras en cultuur worden zeer gewaardeerd. Racisme, nationalisme, hiërarchie op basis van kasten, sociale klassen of geslacht worden gezien als kunstmatige belemmeringen voor eenheid.De Bahá'í-leringen stellen dat de eenwording van de mensheid van essentieel belang is in de religieuze en politieke omstandigheden van de huidige wereld. 

 

 

Basis van het geloof

Shoghi Effendi, het benoemde hoofd van de godsdienst vanaf 1921 tot 1957, schreef de volgende samenvatting van wat hij de onderscheidende principes van de leringen van Bahá'u'lláh te zijn, die samen met de wetten en de verordeningen van de Kitáb-i-Aqdas, de basis van het Bahá'í-geloof vormen:

 

“Het onafhankelijke onderzoek naar waarheid, ongehinderd door bijgeloof of overleveringen; de eenheid van de gehele mensheid; het principe waar alles om draait en de fundamentele leer van het Geloof; het grondbeginsel van de eenheid van alle religies; de verwerping van alle vormen van vooroordeel met betrekking tot religie, ras, klasse of nationaliteit; de harmonie die moet bestaan tussen religie en wetenschap;de gelijkwaardigheid van man en vrouw, de twee vleugels, waarop de vogel der mensheid omhoog kan wieken; het invoeren van verplicht onderricht; het aannemen van een universele hulptaal; de afschaffing van de uitersten van rijkdom en armoede; de instelling van een wereldgerechtshof voor het bijleggen van geschillen tussen naties; de verheffing van werk, gedaan in de geest van dienstbaarheid, tot de rang van gebed; de verheerlijking van gerechtigheid als het heersende grondbeginsel in de menselijke samenleving, en van religie als een bolwerk voor de bescherming van alle volkeren en naties; en de vestiging van een duurzame en universele vrede als het hoogste doel van de gehele mensheid - deze treden naar voren als de essentiële elementen van het Geloof van Bahá'u'lláh”.

 

  

 

Principes

De volgende 12 principes worden vaak genoemd als een korte samenvatting van de Bahá'í-leer. Ze zijn afgeleid van de transcripties van de toespraken van `Abdu'l-Bahá tijdens zijn bezoek aan Europa en Noord-Amerika in 1912. De lijst is niet gezaghebbend en er bestaan verscheidene van dergelijke lijsten.

Eenheid van God

Eenheid van religie

Eenheid van de mensheid

Gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen

Uitbanning van alle vormen van vooroordelen 

Wereldvrede

Harmonie tussen religie en wetenschap

Onafhankelijk onderzoek naar de waarheid 

Universeel verplicht onderwijs

Universele hulptaal 

Gehoorzaamheid aan de overheid en niet-betrokkenheid bij de partij-politiek

Afschaffing van uitersten van rijkdom en armoede 

Met betrekking tot het bereiken van wereldvrede heeft Bahá'u'lláh een wereldwijde collectieve veiligheid regeling voorgeschreven als vereiste voor de totstandkoming van een duurzame vrede.

Mystieke leringen

Hoewel de bahá'í-leringen een sterke nadruk leggen op sociale en ethische kwesties, bestaat er een aantal fundamentele teksten die worden omschreven als mystiek. De Zeven Valleien wordt beschouwd als Bahá'u'lláhs "grootste mystieke compositie." Het is geschreven aan een volgeling van het Soefisme, in de stijl van Attar. De Verborgen Woorden is een ander boek geschreven door Bahá'u'lláh uit dezelfde periode met 153 korte verzen waarin Bahá'u'lláh zegt de fundamentele kern van bepaalde spirituele waarheden te hebben genomen en ze in korte vorm op schrift te hebben gezet.

 

Pixabay

Het verbond

De bahá'í-leringen spreken van zowel het "Grote Verbond", dat universeel en eindeloos is, en het "Kleine Verbond", dat uniek is voor elk religieus tijdperk. Het Kleine Verbond wordt gezien als een overeenkomst tussen een boodschapper van God en zijn volgelingen en omvat sociale gebruiken en de voortzetting van het gezag binnen de religie. Bahá'ís zien de openbaring van Bahá'u'lláh als een bindend klein verbond voor zijn volgelingen; in de bahá'í-geschriften wordt standvastigheid in het verbond benadrukt. Het Grote Verbond wordt wel gezien als een meer permanente overeenkomst tussen God en de mensheid, waar een Manifestatie van God de komst van een volgende Manifestatie van God aankondigt.

 

 

Administratief stelsel

Met eenheid als een essentiële leer van de religie, volgen bahá'ís een administratief stelsel  waarvan ze geloven dat het God verordend is, en zien daarom pogingen tot schisma's en divisies als inspanningen die strijdig zijn met de leer van Bahá'u'lláh. Schisma's hebben plaatsgevonden over de opvolging van gezag, maar iedere afsplitsing heeft relatief weinig succes gehad en weinig volgelingen aangetrokken. De aanhangers van deze afsplitsingen worden beschouwd als verbondsbrekers; zij worden gemeden en in wezen geëxcommuniceerd.

Canonieke teksten

De canonieke teksten van het bahá’í-geloof zijn de geschriften van de Báb, Bahá'u'lláh, 'Abudu'l-Bahá, Shoghi Effendi en het Universele Huis van Gerechtigheid, samen met de geautoriseerde toespraken van 'Abdu'l-Baha. Hiervan worden de geschriften van de Báb en Bahá'u'lláh als goddelijke openbaring beschouwd, de geschriften en toespraken van 'Abdu'l-Bahá en de geschriften van Shoghi Effendi als gezaghebbende interpretatie, en die van het Universele Huis van Gerechtigheid als gezaghebbende wetgeving en toelichting. In alle gevallen wordt een zekere mate van goddelijke leiding verondersteld.

 

 

Belangrijke geschriften

Enkele van de belangrijkste geschriften van Bahá'u'lláh zijn de Kitáb-i-Aqdas (Het Heiligste Boek) en de Kitáb-i-Igán (Het Boek van zekerheid). De Verborgen Woorden wordt gezien als beknopte weergave van zijn ethische en geestelijke leringen en de Zeven Valleien als mystieke verhandeling.

Ontstaansgeschiedenis 

De Bahá'í-geschiedenis bestaat uit een opeenvolging van leiders, die begint met de verklaring van de Báb op 23 mei 1844 in Shíráz, Iran en sinds 1963 op een administratieve orde rust. Het geloof was geïsoleerd binnen het Ottomaanse Rijk, tot er na de dood van Bahá'u'lláh in 1892 aanhangers in dertien landen in Azië en Afrika waren. Onder de leiding van zijn zoon, 'Abdu'l-Bahá, bereikte de godsdienst een positie in Europa en Amerika en werd geconsolideerd in Iran, waar het nog steeds onder intense vervolgingen lijdt. Na de dood van 'Abdu'l-Bahá in 1921, ontstond onder leiding van Shoghi Effendi, 'Abdu'l-Bahá's kleinzoon, een administratieve orde met een systeem van zowel verkozen raden als benoemde individuen.

De Báb

Op 23 mei 1844 verklaarde Siyyid 'Alí Muhammad uit Shíráz, Iran dat hij "de Báb" oftewel “de Poort " was, volgens een Sjiitisch religieus concept. Zijn volgelingen werden bekend als bábís. Toen de leer van de Báb verspreidde, wat de islamitische geestelijken als een bedreiging zagen, werden zijn volgelingen vervolgd en gemarteld. Het conflict escaleerde in een aantal plaatsen tot militaire belegeringen door het leger van de Sjah. De Báb zelf werd gevangengenomen en uiteindelijk geëxecuteerd in 1850.

Bedevaartsoord

Bahá'ís zien de Báb als de voorloper van het Bahá'í-geloof, omdat de Bábs geschriften het concept "Hij dien God zal openbaren", een Messiaanse figuur wiens komst, volgens Bahá'ís, werd aangekondigd in de geschriften van de grote wereldgodsdiensten en waarvan Bahá'u'lláh, de grondlegger van het Bahá'í-geloof, in 1863 verklaarde de vervulling te zijn. De graftombe van Báb, op de berg Karmel in Haifa, Israël, is een belangrijk bedevaartsoord voor Bahá'ís. De resten van de Báb werden in het geheim van Iran naar Israël gebracht en werden uiteindelijk bijgezet in de graftombe die gebouwd is op een speciaal door Bahá'u'lláh aangewezen plek.

 

Pixabay

 

Bahá' u lláh

Mírzá Husayn-'Alí van Núr, die later de titel Bahá'u'lláh aannam, was een van de vroege volgelingen van de Báb. Hij werd in 1852 voor deze betrokkenheid gearresteerd en gevangengezet. Bahá'u'lláh beschrijft dat in 1853, terwijl hij gevangen zat in de kerker van de Síyáh-Chál in Teheran, hij de eerste toespelingen ontving dat hij degene was die voorspeld was door de Báb.

 

Verbannen

Kort daarna werd hij verbannen uit Teheran naar Bagdad, in het Ottomaanse Rijk; vervolgens naar Constantinopel (nu Instanboel), en vervolgens naar Adrianopel (nu Edirne). Op 21 april 1863, voorafgaande aan zijn reis van Bagdad naar Constantinopel, maakte Bahá'u'lláh zijn aanspraak op een goddelijke missie bekend aan zijn gezin en zijn volgelingen. Vervolgens groeide de spanning tussen hem en Subh-i-Azal, de aangewezen leider van de Bábís die Bahá'u'lláhs claim niet erkende. Gedurende de rest van zijn leven kreeg Bahá'u'lláh het vertrouwen van de meeste Bábís, die bahá'ís werden genoemd. Vanaf 1866 begon hij zijn missie als een boodschapper van God bekend te maken in brieven aan religieuze en wereldlijke leiders, met inbegrip van paus Pius IX, Napoleon III, en Koningin Victoria. 

Gevangen

In 1868 werd Bahá'u'lláh voor de laatste keer verbannen door Sultan Abdülaziz naar de Ottomaanse strafkolonie Akko, in het huidige Israël. Aan het einde van zijn leven werd de strenge en zware opsluiting geleidelijk versoepeld, en werd hem toegestaan om in een huis nabij Akko te leven, maar officieel was hij nog steeds een gevangene van die stad. Hij stierf in 1892. Bahá'ís zien zijn graftombe in Bahjí als de Qiblih waar zij zich dagelijks in gebed naar keren.

Abdu 'l-Bahá

Abbás Effendí was Bahá'u'lláhs oudste zoon, bekend onder de titel van 'Abdu'l-Bahá (dienaar van Bahá). Zijn vader liet een testament na waarin hij 'Abdu'l-Bahá benoemde als de leider van de Bahá'í-gemeenschap en hem aanwees als het "centrum van het Verbond", "hoofd van het geloof", en de enige gezaghebbende vertolker van Bahá'u'lláhs geschriften.'Abdu'l-Bahá deelde zijn vaders lange ballingschap en gevangenisstraf, die voortduurden tot 'Abdu'l-Bahás eigen vrijlating als gevolg van de staatsgreep van de Jong Turken in 1908. Na zijn vrijlating leidde hij een leven van reizen, toespraken en het onderhouden van correspondentie met de bahá'í-gemeenschappen en individuen, waarbij hij de beginselen van het bahá'í-geloof verduidelijkte.

 

 

Bestuur

De oorsprong van het Bahá'í-bestuursstelsel ligt in de Kitáb-i-Aqdas van Bahá'u'lláh en het Testament van 'Abdu'l-Bahá. Bahá'u'lláh beschrijft het verkozen Universele Huis van Gerechtigheid en ‘Abdu'l-Bahá stelde het benoemde erfelijke behoederschap in en verduidelijkte het verband tussen de twee instituten. In zijn Wil, benoemde 'Abdu'l-Bahá zijn oudste kleinzoon, Shogi Effendi, als eerste behoeder van het Bahá'í-geloof.

Shoghi Effendi vertaalde Bahá'i-literatuur; ontwikkelde globale plannen voor de uitbreiding van de bahá'í-gemeenschap; ontwikkelde het Bahá'i-wereldcentrum; onderhield een omvangrijke correspondentie met gemeenschappen en individuen rond de wereld en bouwde de administratieve structuur van de religie, daarmee de gemeenschap voorbereidend voor de verkiezing van het Universele Huis van Gerechtigheid.Hij stierf in 1957 onder omstandigheden waarin hij geen opvolger kon benoemen.

 

Pixabay

Aantal Baha's

Sinds 1991 schatten bahá'í-bronnen het aantal bahá'ís wereldwijd boven de 5 miljoen. De meeste encyclopedieën en andere soortgelijke bronnen geven schattingen tussen vijf en zes miljoen bahá'ís wereldwijd in de vroege eenentwintigste eeuw.

Bahá - i - wetten

Bahá'í-wetten en verordeningen die gelden in het bahá'í-geloof zijn voornamelijk afkomstig uit de Kitáb-i-Aqdas van Bahá'u'lláh. In de Kitáb-i-Aqdas stelt Bahá'u'lláh zowel religieuze als burgerlijke wetten in, zoals het dagelijkse verplichte gebed, de vasten, wetten over erfenis, de afschaffing van priesterdom, het verbod op zaken als slavernij, ascese, en gokken, de veroordeling van o.a. luiheid en roddelen, de specificatie van straffen  voor zaken als moord en brandstichting, de vereiste dat ieder persoon een beroep moet uitoefenen en de nadruk op de noodzaak van de opvoeding van kinderen, evenals als de noodzaak zich strikt te houden aan de wetten van de regering van het land waar men woont. 

Bahá'u'lláh geeft ook algemene beginselen, waaronder hij zijn volgelingen aanspoort om vriendschappelijk samen te werken met mensen van alle religies en hen waarschuwt zich te hoeden voor fanatisme en trots. Ook moedigt hij zaken als reinheid en waarheidsgetrouwheid aan.

Hoewel sommige van de wetgevingen van de Kitáb-i-Aqdas op dit moment van toepassing zijn, heeft Bahá'u'lláh gezorgd voor de geleidelijke toepassing van andere wetten die afhankelijk zijn van het bestaan van een overwegende bahá'í-samenleving. De wetten, wanneer deze niet in direct conflict zijn met de burgerlijke wetten van het land, zijn bindend voor alle bahá'ís en de naleving van persoonlijke wetten, zoals gebed en vasten, is de exclusieve verantwoordelijkheid van het individu. 

 

Huwelijk

Het doel van het huwelijk in het bahá'í-geloof is vooral het bevorderen van geestelijke harmonie, broederschap en eenheid tussen een man en een vrouw en een stabiele en liefdevolle omgeving te bieden voor het grootbrengen van kinderen. De bahá'í-leringen over het huwelijk noemen het een "vesting voor welzijn en heil" en plaatsen het huwelijk en het gezin als het fundament van de structuur van de menselijke samenleving. Bahá'u'lláh prees het huwelijk zeer, ontmoedigde echtscheiding en homoseksualiteit, en de vereiste kuisheid buiten het huwelijk; Bahá'u'lláh leert dat een man en vrouw ernaar moeten streven elkaars geestelijke leven te verbeteren. Interraciale huwelijken wordt ook zeer geprezen in de bahá'í-geschriften.

 

Pixabay

Toestemming van ouders

Bahá'ís die van plan zijn te trouwen wordt gevraagd een grondig begrip van het karakter van de ander te krijgen alvorens te beslissen om te trouwen. Hoewel ouders geen partners kiezen voor hun kinderen, zodra twee personen besluiten te trouwen, moeten zij toestemming krijgen van alle levende biologische ouders, ook als één partner geen bahá'í is. Het bahá'í-huwelijksceremonie is eenvoudig, het enige verplichte onderdeel van de bruiloft bestaat uit het lezen van de huwelijksgelofte voorgeschreven door Bahá'u'lláh, die zowel door de bruidegom als de bruid worden gelezen, in het bijzijn van twee getuigen. De gelofte is "Wij zullen ons oprecht houden aan de wil van God".

Werk

Kloosterleven is verboden en Bahá'ís pogen hun spiritualiteit te aarden in het dagelijkse leven. Het uitvoeren van bijvoorbeeld nuttig werk, is niet alleen vereist, maar wordt gezien als een vorm van aanbidding. Bahá'u'lláh verbood bedelen en ascetisme, en stimuleerde bahá'ís betrokken te zijn met de behoeften van de samenleving. Verder wordt het belang van zelf-inspanning en dienstbaarheid aan de mensheid benadrukt in Bahá'u'lláhs geschriften, waarin hij stelt dat werk gedaan in de geest van dienstbaarheid aan de mensheid gelijk is aan gebed en aanbidding in de ogen van God.

 

Plaatsen van aanbidding

De meeste bahá'í-bijeenkomsten vinden plaats in de woonhuizen van individuen, in plaatselijke bahá'í-centra, of in gehuurde ruimten. Wereldwijd zijn er momenteel zeven Bahá'í Huizen van Aanbidding, met een achtste in aanbouw in Chili. De bahá'í-geschriften verwijzen naar een instelling genaamd "Mashriqu'l-Adhkár" ("Dageraadplaats van Gods lof"), dat het middelpunt vormt van een complex van instellingen, waaronder een ziekenhuis, universiteit, enzovoort. Het allereerste Mashriqu'l-Adhkár in Ishgábád, Turkmenistan, was tot op heden het meest complete Huis van Aanbidding.

De Bahá’í Huizen van Aanbidding zijn bedoeld voor gebed en meditatie en zijn voor iedereen vrij toegankelijk.

Bahá'i - symbolen

Het officiële symbool van het bahá'í-geloof is de vijf-puntige ster.

Andere gebruikte symbolen zijn:

 

•    Negen-puntige ster

•    Ringsteen-symbool

•    Kalligrafie van de Grootste Naam

  

Grootste Naam voor God

In de Islam heeft God 99 namen en in enkele Islamitische tradities gelooft men dat er een speciale verborgen 100e naam bestaat, die de grootste naam is. Bahá'ís geloven dat de honderdste naam werd onthuld als "Bahá'" wat glorie en pracht betekent en het wortelwoord is voor Bahá'u'lláh en bahá'í. Bahá' is ook bekend als de Grootste Naam. 

Vervolgingen

Bahá'ís worden nog steeds vervolgd in Islamitische landen, omdat Islamitische leiders het Bahá'í-geloof niet erkennen als een onafhankelijke religie, maar eerder als afvalligheid van de Islam. De ernstigste vervolgingen hebben plaatsgevonden in Iran, waar meer dan 200 Bahá'ís zijn geëxecuteerd tussen 1978 en 1998, en in Egypte. De rechten van de Bahá'ís zijn in meer of mindere mate beperkt in talrijke andere landen, waaronder Afganistan, Algerije, Indonesië, Irak, Marokko en verschillende landen in Sub-Saharisch Afrika. 

 

 

Samenvatting

In de Samenvatting is een overzicht opgenomen over; "God en de redding van de ziel". Hoe denken religies over deze vraag? Dit staat in een overzicht zo beknopt mogelijk omschreven. Deze Samenvatting kunt u vinden op de Homepagina onderin. 

Durf eens stil te staan

In het artikel "Durf eens stil te staan" is een overzicht opgenomen over de verschillende denkwijzen betreft het ontstaan van deze wereld. Dit artikel kunt u vinden onderin het Christendom welke u kunt bereiken via de Homepagina. 

Aanbevolen

Onder "Aanbevolen" onderin de Homepagina, staan allerlei interessante websites-links, boeken en muziektips. 

 

Aanvullende informatie 

Wij waarderen het als u met ons meedenkt. Heeft u interessante informatie voor ons of adviezen? Wij horen het graag van u! U kunt dit doormailen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..  

Bron: Wikipedia